Kenniscentrum › Beginnen
Annuïteit, lineair of aflossingsvrij
Er zijn drie manieren om een hypotheek af te lossen. Ze kosten alle drie hetzelfde percentage rente, maar ze voelen heel verschillend in je portemonnee.
Annuïteit: elke maand hetzelfde bedrag
Bij een annuïteit blijft je maandlast de hele looptijd gelijk. Wat er binnen die last verandert, is de verhouding: in het begin is het grootste deel rente, aan het eind vooral aflossing. Dat komt doordat de rente wordt berekend over wat er nog openstaat, en dat bedrag daalt.
Voor de meeste mensen is dit de rustigste vorm. Je weet wat je elke maand kwijt bent en dat verandert pas als je rentevastperiode afloopt.
Lineair: elke maand hetzelfde afgelost
Bij lineair los je elke maand een vast bedrag af: de hoofdsom gedeeld door het aantal maanden. Je schuld daalt daardoor sneller dan bij een annuïteit, en dus daalt ook de rente die je betaalt.
Je begint hoger. Bij drie ton tegen vier procent over dertig jaar scheelt de eerste maandlast al gauw een paar honderd euro met een annuïteit. Maar over de hele looptijd betaal je tienduizenden euro's minder rente.
Aflossingsvrij: alleen rente
Bij een aflossingsvrije hypotheek betaal je alleen rente. Je maandlast is het laagst van de drie, maar je schuld blijft staan. Aan het einde van de looptijd moet de hele hoofdsom in één keer worden afgelost of opnieuw gefinancierd.
Voor hypotheken die na 2013 zijn afgesloten geeft deze vorm bovendien geen recht op hypotheekrenteaftrek. Veel mensen met een oudere aflossingsvrije hypotheek lopen daar rond 2030 tegenaan, wanneer de dertigjaarstermijn afloopt.
Wat kies je?
Wil je zekerheid over je maandbedrag, dan is annuïteit de logische keuze. Kun je de hogere start dragen en wil je zo min mogelijk rente betalen, dan is lineair goedkoper. Aflossingsvrij is zelden verstandig als hele hypotheek, maar kan als klein deel naast een annuïteit soms uitkomst bieden.